Uitgelicht

Deze week uitgelicht: Ficus Benjamina

 

De Ficus benjamina wordt ook wel waringin of treurvijg genoemd. 

Deze populaire kamerplant is vrij gemakkelijk in de verzorging en overleeft in uiteenlopende omstandigheden. 

Er zijn veel verschillende cultivars beschikbaar: van diepgroen tot kakelbont, en van klein en bossig tot los uitgroeiend en metershoog

Wat is de Ficus benjamina voor plant?

Ficus benjamina is een kamerplant die ook wel waringin of treurvijg wordt genoemd. Deze ficus komt van nature voor in delen van Zuidoost-Azië en tropisch Australië. Daar groeit Ficus benjamina vaak als zelfstandige boom, maar soms ook als wurgboom. Daarbij gebruikt de jonge plant een andere boom als steun om snel naar het bladerdak op te klimmen, waar het meeste licht is.

Dat gaat dan vaak met een afsnijdroute. Vogels en andere dieren laten de zaden hoog in andere bomen vallen. Daar ontkiemen ze in holtes en spleetjes, waarna de planten luchtwortels laten zakken die naar de bosgrond beneden reiken. Indien er voldoende regen valt, zoals bijvoorbeeld in een tropisch regenwoud, kan de Ficus benjamina lang genoeg overleven op regenwater om de grond te bereiken. Terwijl de plant vanuit zijn hoge positie relatief snel het donkere bladerdak kan doorbreken, groeien er stilaan steeds meer luchtwortels naar beneden. Dat is een uiterst effectieve groeiwijze in zeer donkere bossen.

De Ficus benjamina groeit zo uiteindelijk geheel over zijn gastheer heen: van boven overvleugelt het loof dat van de gastheer zodat die geen licht meer krijgt, terwijl de wortels van de Ficus benjamina die van de gastheer beconcurreren om water en voedsel. Als de gastheer dan uiteindelijk amper nog te zien is sterft hij, terwijl de Ficus benjamina intussen zoveel enorm dikke luchtwortels heeft gemaakt dat hij zichzelf kan ondersteunen. Deze innige, maar dodelijke omhelzing maakt dit dus een effectieve wurgboom.

Uiteindelijk wordt de treurvijg of waringin zo vaak een reusachtig grote boom. Niet alleen worden ze op deze wijze typisch erg hoog, namelijk minstens even hoog als het bladerdak van een tropisch regenwoud reikt – gemakkelijk dertig meter – maar vooral ook zeer breed. Ze blijven luchtwortels produceren, die telkens als ze de grond bereiken nieuw voedsel aanboren voor de boom en hem stevigheid verlenen. Zo kunnen deze steltvormige structuren de steeds uitdijende boom ondersteunen. Een Ficus benjamina kan op deze manier vele malen breder dan hoog worden.

Buiten de tropen loopt het allemaal zo’n vaart niet, want de luchtwortels vormen zich enkel bij een vrij hoge luchtvochtigheid, en om lang genoeg te overleven om vanuit de kroon van een volwassen boom de grond te bereiken zijn ronduit tropische condities vereist. De waringin kan in niet-tropische gebieden alsnog een forse boom worden, maar geen wurgboom annex woudreus. In de huiskamer is dit onstuimige karakter van de treurvijg meestal vrijwel geheel verdwenen. Ficus benjamina is een sterke en gemakkelijke kamerplant, maar het is niet echt een snelle groeier. Hier vormen ze na soms wel tientallen jaren aardige, bossige of zelfs struikachtige boompjes van maximaal een meter of drie hoog.
 

Soorten Ficus benjamina

De oorspronkelijke soort is een echte treurvijg, waarvan de jonge twijgen en bladeren duidelijk hangen. De bladeren zijn diepgroen. De plant wordt uiteindelijk een sterk vertakt, maar zonder snoeien niet echt compact boompje van enkele meters hoog.

Er zijn ook een heel aantal cultivars in de handel, waarvan de groeiwijze, bladvorm of –kleur verschilt van het origineel. De verzorging van alle kweekvormen is eigenlijk hetzelfde als van de soort, met dien verstande dat bonte variëteiten in de regel wat meer licht en warmte nodig hebben. Een aantal van de meest algemene soorten beschrijven we hieronder kort.

  • Ficus benjamina “Natasja”: een compacte, bossige kweekvorm die vooral in de breedte groeit. De groene bladeren buigen aan weerszijden van de middennerf omhoog, waardoor ze een opvallende V-vorm hebben. “Natasja” wordt regelmatig aangeboden als boompje op stam.
  • F. benjamina “Exotica”: als de soort. Regelmatig aangeboden met gevlochten stam.
  • F. benjamina “Babilatos”: als “Natasja”, vaak gevormd als meerstammig boompje op stam.
  • F. benjamina “Danielle”: zeer donkergroen blad, ietwat compacte groeier.
  • F. benjamina “Danita”: blijft wat kleiner dan de soort, verder hetzelfde.
  • F. benjamina “Golden King”: een bonte vorm met veel groen in het blad, waarbij de witte delen vooral langs de bladrand zitten. Bij de jonge plant is het blad eerder roomwit of goudgeel. Groeit met wat minder ver afhangende twijgen, waardoor het een meer losse indruk geeft.
  • F. benjamina “Golden Princess”: als “Golden King”, maar kleiner en met nog wat meer groen in het blad.
  • F. benjamina “Reginald”: een compacte, bontbladerige vorm. De bladeren zijn vrijwel geheel bont, met nog wat groene vlekken in het midden van het blad. De jonge planten hebben gele of goudgele bladeren. Dat wordt bij oudere exemplaren vaak eerder geelgroen of lichtgroen.
  • F. benjamina “Starlight”: veruit de meest bekende bonte soort, met zeer veel wit in het blad en mooie, losse patronen. Opvallend zijn vooral de grote witte vlakken, die soms vrijwel het gehele blad omvatten. Daar is overigens veel licht voor nodig; in meer beschaduwde condities blijft het blad groener.
  • F. benjamina “Twilight”: als “Starlight”, maar de bladeren zijn wat lichter groen.
  • F. benjamina “Hawaii”: als “Starlight”, maar veel kleiner en compacter.
  • F. benjamina “Kinky”: als “Hawaii”.

 

Verzorging Ficus benjamina

Dit zijn sterke en betrouwbare kamerplanten, die het tientallen jaren kunnen uithouden in de woonkamer. Op den duur kunnen deze ficussen zich aan allerlei verschillende omstandigheden aanpassen, zolang die maar min of meer constant zijn. Verandering voorkomen is daarom eigenlijk het belangrijkste bij de verzorging. Ficus benjamina heeft een universele reactie op suboptimale verzorging en specifiek verandering: bladverlies.

Water geven
Ficus benjamina mag vrij veel water hebben: ruim in de zomer, matig in de winter. De potgrond moet continu licht vochtig zijn, maar niet nat. Zorg dat er geen water in de pot blijft staan; deze planten kun je beter iets te droog dan iets te nat houden.

Daarnaast nog twee tips voor de perfectionistische huiskamertuinier:

  • Geef geen koud, maar handwarm water. Koude wortels in een warme huiskamer zijn voor Ficus benjamina niet ideaal.
  • Begiet enkel met regenwater of gedemineraliseerd water. Deze planten hebben liever geen al te verkalkte potgrond, hetgeen met hard kraanwater al snel kan gebeuren.


Temperatuureisen
Het liefste staat een Ficus benjamina het hele jaar in de verwarmde woonkamer: minimaal 15 graden, geen koelere rustperiode.

Lagere temperaturen, tot zelfs aan het vriespunt bij gezonde planten, zijn zelden noodlottig. Wel veroorzaken ze massaal bladverlies. Let bovendien op dat de plant daar snel op kan reageren: een paar uur in de koude tocht kan een Ficus benjamina al fiks uitdunnen.

Standplaats
Het belangrijkste bij de standplaats is dat deze jaar in, jaar uit hetzelfde is.

Verder zal een Ficus benjamina over het algemeen het fraaist zijn op een vrij lichte plaats, uit de volle zon. Omdat deze planten van nature naar het licht groeien, is het daarnaast van belang dat het topje van de kroon niet tezeer in de schaduw staat, want het model en de groei zullen daar onder te lijden hebben.

Tocht moet je vooral zo veel mogelijk vermijden.

Droge lucht is vaak niet zo’n bezwaar, hoewel deze ficussen in de natuur in een tropisch regenwoud groeien. Voorkom wel dat deze kamerplant direct naast een radiator staat, of zorg dat je meerdere keren per week vernevelt. Het is sowieso aan te raden om met enige regelmaat te sproeien, want de blaadjes verliezen door stof snel hun glans.

Voeding
Als de planten in de zomer goed aan de groei zijn mag je wekelijks vloeibare plantvoeding voor bladplanten geven. In de winter de voeding staken, want anders krijg je en spichtige, iele groei en/of verbrande wortels en bladeren.

Verpotten
Het is enkel nodig om te verpotten als deze planten de pot goed hebben gevuld met wortels. Maak de buitenste wortels dan met de hand een beetje los, en zet de plant in een niet veel grotere pot. Gebruik standaard kamerplantenpotgrond of een ander goed doorlatend voedselrijk mengsel. Het liefste verpotten als de Ficus benjamina net aan de groei komt, in de lente.

Snoeien
Snoeien is zelden nodig, maar deze planten reageren er uitstekend op. Om die reden is Ficus benjamina ook populair als bonsai; je kunt de plant namelijk uitstekend naar je wensen vormen. Verder is het verstandig al te los uitgegroeide of te grote planten zo nu en dan wat terug te snoeien. Als je erg fors terugsnoeit moet je ook de kluit wat kleiner maken. Bij een boompje op stam (ook met gevlochten stam) moet je minstens elk jaar de kroon terugsnoeien om de vorm te behouden. Verwijder daarnaast elk zijtakje op de stam waar die kaal behoort te zijn.

Tip: de planten produceren een wit, wat kleverig melksap. Zet de plant bij het snoeien op enkele kranten om de vloer niet te beschadigen, want meestal lekt er aardig wat uit. (Dat kan voor de plant trouwens niet zo’n kwaad; enkel heel grote snoeiwonden hoeven te worden dichtgemaakt met was of wondpasta.) Ook kun je vanwege het melksap beter handschoenen dragen bij het snoeien. Het zorgt namelijk niet enkel voor een vieze kliederboel, maar veroorzaakt bij sommige mensen ook allergische reacties als het in contact komt met de huid, en is giftig bij inslikken.

Vermeerderen
Ficus benjamina kan gestekt worden, maar de stekken hebben een bodemtemperatuur van 25 graden of hoger nodig om wortel te kunnen schieten. Verder is stekken bij deze plant betrekkelijk rechttoe-rechtaan: neem een uiteinde van een tak die nog niet geheel verhard is, laat enkel de bovenste paar blaadjes zitten en steek de stek in standaard zaai- en stekgrond. Doe het geheel in een plastic zakje of een kasje. Stekpoeder versnelt het proces maar is niet noodzakelijk.

Bloeiwijze
Oudere ficussen kunnen bloeien met zeer onopvallende, witte bloemetjes, waarna er kleine, oranje of rode vijgen worden gevormd.

Ziektes en plagen
Deze kamerplant heeft zelden last van plagen, maar onder slechte omstandigheden kan hij vatbaar zijn voor spint en wol-, dop- en schildluis. Gebruik hiertegen een biologisch bestrijdingsmiddel volgens de aanwijzingen op de verpakking. Ziektes komen eigenlijk niet voor.

Overige tips bij de verzorging: bladuitval
Als een Ficus benjamina ontevreden is over de verzorging, zal hij negen van de tien keer reageren door vrij massaal zijn bladeren te laten vallen. Gewoonlijk heeft dat geen blijvende gevolgen. De meest gebruikelijke oorzaken van bladuitval zijn:

  • Verandering van standplaats: meer of juist minder licht. (Zelfs draaien kan al bladval tot gevolg hebben; wat dat betreft zijn deze planten ware prinsessen op de erwt.)
  • Verandering van standplaats: een stuk warmer of kouder. Ook enkele uren koude tocht kunnen dit al veroorzaken.
  • Verpotten
  • Te weinig water
  • Plotselinge afname in luchtvochtigheid, bijvoorbeeld na het kopen bij een tuincentrum waar de plant in een tropische kas stond.


In de bovenstaande gevallen zal de plant zich eigenlijk altijd herstellen zonder dat er speciale actie vereist is. Als de plant te kaal is geworden kun je deze het beste terugsnoeien.Bladuitval kan ook veroorzaakt worden door teveel water of door insectenplagen. Je moet dan wel ingrijpen (respectievelijk beter gaan opletten met water geven, eventueel verpotten en bestrijden), want bladverlies kan hier de eerste stap naar ernstiger problemen zijn.
 

Ficus benjamina kopen: waar moet je op letten en waar kan het?

Deze planten zijn op vele plaatsen te koop. Er zijn eigenlijk geen speciale aandachtspunten, want de planten zijn eigenlijk altijd in perfecte staat. Vraag bij het kopen wel altijd even wat het precies voor soort is. Jonge exemplaren van de diverse cultivars zijn amper van elkaar te onderscheiden, maar kunnen later toch een heel andere groeiwijze vertonen. Je moet niet teleurgesteld zijn als je Ficus benjamina bij wijze van welkom na thuiskomst een berg blaadjes laat vallen. De verandering van diverse belangrijke omgevingsfactoren is daar debet aan, en het is niets om je zorgen over te maken. Jonge planten verschillen in dit opzicht niet veel van oudere exemplaren.

Ten slotte is het aanbevelenswaardig om rekening te houden met eventuele huisgenoten als je een waringin of treurvijg gaat kopen, want de planten zijn giftig voor mensen en ook voor huisdieren als honden en katten.